Terug naar werkgroepen | Print deze pagina

Werkgroepen » Werkgroep Onderwijs

De leerplicht is in strijd met de mensenrechten

Verplichte massascholing is niets minder dan een schending van de mensenrechten. Het huidige systeem, vindt onderwijskundige Roland Meighan, veroordeelt kinderen tot opsluiting, zónder dat ze de wet hebben overtreden. Hun enige vergrijp is hun leeftijd. Een pleidooi voor individueel leren.

Terwijl ik stond te wachten totdat mijn kopieën klaar waren, viel mijn oog op een tekst op de muur van de kopieerwinkel. ‘Wij zijn er voor de klant: wij luisteren naar u, begrijpen u en zoeken de oplossing die bij u past.’ Vrees niet, dit is geen reclame voor de winkel bij mij op de hoek. De leus op de poster leek mij hét motto voor een nieuw onderwijsmodel. Het moet in de plaats komen van het huidige systeem van verplichte scholing, gevolgd door een baan vol hindernissen in de vorm van saaie universitaire Het motto van het huidige onderwijsmodel lijkt te zijn: ‘Aanpassen: jij luistert, wij bepalen wat er gebeurt en jij accepteert onze oplossing.’ Terwijl de tekst in de kopieerwinkel ervan uitgaat, dat ieder mens niet een standaardbehandeling, maar – terecht – een persoonlijke benadering verdient.
Vraag: als het door de staat verplicht gestelde onderwijs zo goed is, waarom zijn volwassenen daarvan dan vrijgesteld? Hoe zouden zij reageren op een wet die hen verplicht nog eens twaalf jaar van hun leven onderwijs te volgen in een overvol schoolgebouw? Recent onderzoek wijst uit, dat de meeste volwassenen bereid zijn iets nieuws te leren – zolang dat maar niet op een schoolse manier gebeurt. De herinneringen aan hun schooltijd lijken nog open wonden  te zijn. Verplichte massascholing houdt een impliciete schending van de mensenrechten in, want het veroordeelt iemand tot opsluiting, zónder dat hij de wet heeft overtreden. In een democratie is dat verboden. Toch worden kinderen veroordeeld tot het doorbrengen van 15.000 uur van hun jonge leven in een gebouw dat ‘school’ heet. Hun enige vergrijp is hun leeftijd. Ik probeerde eens het systeem uit te leggen aan een groep ‘home-schoolers’ – kinderen die niet op een school, maar thuis studeren. Zij begrijpen het niet. Het feit dat kinderen niet naar school gaan uit vrije wil, maar daartoe worden gedwongen, zien zij als een regelrechte aanklacht tegen onze democratische samenleving. In een land dat wordt verondersteld een democratie te zijn, moet deze benadering van kinderen ons met schaamte vervullen.

Een tweede schending van de mensenrechten schuilt in het opleggen van verplichte leerstof. Onderwijs verzorgen in een democratie betekent: werken met mensen die keuzes hebben. Scholen behoren modules aan te bieden, waaruit kinderen zelf kunnen kiezen. Mensen hebben het recht zélf te bepalen welke informatie zij tot zich willen nemen. Een voorbeeld van de wijze waarop dit recht wordt beschermd, is het verbod op sluikreclame. Bij overtreding van het mensenrecht om informatie zelf te kiezen, spreken we van indoctrinatie of hersenspoeling. Indoctrinatie is het manipuleren van mensen die niets hebben te kiezen. Elke opgelegde studierichting of studieboek is een vorm van manipulatie. Het ontzegt mensen het recht zelf te kiezen en hun eigen opleiding, hun eigen ontwikkeling uit te stippelen. Ondersteuning, advies en het verschaffen van de benodigde informatie zijn de geëigende middelen om die zelfgekozen opleiding vorm te geven.

Het voorschrijven van verplichte lesstof is daarentegen een benadering die thuishoort in een totalitair regime. Stalin en Hitler bepaalden beiden wat op school werd onderwezen, met alle bijbehorende retoriek. In een religieuze samenleving is het staatsonderwijs gebaseerd op theologische uitgangspunten. Maar in een democratie behoort dat anders te zijn. Daar zou verschil moeten worden getolereerd, en diversiteit en keuzes worden geboden – onder de voorwaarde uiteraard, dat de rechten van ieder mens daarbij worden gerespecteerd. Dit recht houdt een omgekeerd evenredige verantwoordelijkheid in: de combinatie van gedrag en daden, die nodig is om de rechten van alle mensen te beschermen. Dan is er de leeftijdsdiscriminatie in het onderwijs. Het is niet goed te praten een individu te verplichten 15.000 uur door te brengen in groepen met uitsluitend leeftijdsgenoten. Het is absurd te denken, dat een langdurig verblijf in het gezelschap van onvolwassen leeftijdsgenoten zal leiden tot volwassenheid. Sterker nog, het leidt tot tirannie binnen de groep, waarin het ene kind normen over gedrag, kleding, drugsgebruik en houding tegenover andere groepen dwingend oplegt aan het andere kind.

Mensen die actief zijn in het huidige onderwijssysteem – mensen dus, die anderen hun normen en waarden willen opleggen – komen altijd met het argument, dat het ‘voor hun eigen bestwil’ is. De misverstanden over dit argument zijn al uitgebreid belicht door anderen en mijn suggestie aan hen zou zijn om te lezen in het werk van Alice Miller (For Your Own Good), Chris Shute (Compulsory Education Disease), Rosalind Miles (The Children We Deserve) en in John Holts artikelen (Freedom and Beyond en Escape From Childhood).

Top

Daarnaast is het tamelijk ironisch, dat voorstanders van de leerplicht vinden, dat kinderen het recht moeten hebben op deze in de wet vastgelegde plicht. Wacht even, recht hebben op een plicht? Ik heb een beter idee: laten we in de wet het recht opnemen, dat kinderen worden behandeld als mensen met rechten.
In feite is een school – gebaseerd op het model van verplichte aanwezigheid – niets minder dan een totalitair instituut, waar wordt gewerkt volgens een door de staat opgelegd onderwijsprogramma. Dit onderwijs wordt aangeboden volgens de algemeen heersende pedagogische inzichten, in een leerproces dat wordt gedomineerd door leerkrachten die op hun beurt weer worden gecontroleerd door middel van een aantal verplichte tests. En dit gereguleerde pakket onderwijsmaatregelen heeft weer een overkoepelend controlerend instituut als de onderwijsinspectie nodig.
De ongeschreven, maar krachtige boodschap van dit wettelijk pact is, dat volwassenen hun zin krijgen door onderdrukking. De Amerikaanse schrijver Jerry Mintz zegt over de gevolgen van deze aanpak: ‘Kinderen kijken graag naar geweld op televisie en in films, omdat zij zélf geweld ervaren, zowel op school als thuis. Er wordt een enorme hoeveelheid woede opgebouwd. Geweld op televisie is niet zozeer het probleem, maar eerder een symptoom. Het échte probleem is het dagelijks geweld van een liefdeloze thuisomgeving en het geweld van een inspiratieloze, dodelijk saaie schoolomgeving. Geweld dat hen wordt aangedaan door mensen die daar plezier in lijken te hebben.’

Er komen ten minste drie soorten mensen van dit soort scholen. Een aantal ‘succesvolle’ leerlingen groeit uit tot professionele pestkoppen in dominante beroepen: politici, artsen, docenten, ambtenaren, journalisten. Een meerderheid van ‘minder succesvolle’ leerlingen leert deze mentaliteit te accepteren. Zij worden toegeeflijke, afhankelijke mensen die iemand anders nodig hebben om hen te vertellen wat ze moeten denken en doen op hun werk. Thuis kopiëren ze – bijvoorbeeld in hun rol als ouder – het intimiderende gedrag van de pestkoppen. Een derde groep groeit uit tot notoire treiteraars die door dit gedrag steeds weer in moeilijkheden raken. Volgens Alice Miller is elke pestkop ooit zelf slachtoffer geweest. Dat is precies hoe deze ‘pestziekte’ zich verspreidt.

Ik open hierbij de discussie over mogelijkheden om het ongezonde, achterhaalde systeem van massaonderwijs te vervangen door een alternatief systeem van individueel leren, waarin de democratische waarden van keuze en diversiteit worden gerespecteerd. Daarbij moeten de resultaten van recent onderzoek worden meegenomen, zoals het bestaan van meerdere soorten intelligentie, meerdere vormen van leren, versnelde leerprocessen, de inzichten over de werking van de hersenen én de ervaringen van gezinnen waar kinderen thuis les krijgen.
De volgende minister van onderwijs zou om te beginnen de twee volgende besluiten moeten nemen:
• Sluit het ministerie van onderwijs en schaf het hele onderwijsprogramma met de bijbehorende controlerende instanties af. Dat betekent dat werkgelegenheid weer onder het ministerie van economische zaken valt, waar het thuishoort. Het heeft het denken over onderwijs nu lang genoeg verstoord.
• Breng alle scholen en hun personeel onder bij de openbare bibliotheken die hun bestaande, aantrekkelijke lees- en informatiediensten verder ontwikkelen tot een overzichtelijk aanbod van opleidingen en cursussen in lokale centra voor individueel leren. Van verplichte massascholing gaan we naar een open school voor alle leeftijden in lokale kenniscentra (bibliotheken), waar mensen zich kunnen ontwikkelen tot werknemer, burger, ouder en individu. De benadering van de bibliotheek is tenslotte al de goede, klantgerichte benadering. Er zullen ten minste twee soorten leraren nodig zijn: de ‘denker’ die onderwerpen aanbiedt en de persoonlijke coach langs de lijn.

Deze overgang van massascholing naar individueel leren zal vanzelfsprekend nader moeten worden onderzocht en begeleid. Ik stel voor daarvoor mensen in te huren die werken bij de instituten voor zelfstudie, zoals de Open Universiteit, omdat zij de meest vernieuwende en meest succesvolle vormen van leren van de afgelopen vijfentwintig jaar al toepassen. Wij kunnen intussen niet méér doen dan kinderen als mensen behandelen – zelfs als het schoolsysteem hen in de steek laat.

Roland Meighan
Bron : Ode
http://www.ode.nl